Op deze pagina laten we zien hoe vaak volwassenen in Nederland (18–75 jaar) meerdere psychische aandoeningen hebben. We kijken naar aandoeningen ooit in het leven en in de afgelopen 12 maanden. De resultaten worden weergegeven voor de hoofdgroepen van psychische aandoeningen en voor specifieke aandoeningen binnen die hoofdgroepen.
Snel naar:
Comorbiditeit is het tegelijkertijd voorkomen van twee of meer psychische aandoeningen. Hier hebben we het breder bekeken, namelijk of mensen meerdere psychische aandoeningen hebben gehad ooit in het leven of in de afgelopen 12 maanden. Deze aandoeningen kunnen tegelijkertijd voorkomen, maar kunnen ook na elkaar optreden. Omdat de cijfers over ‘ooit in het leven’ een lange periode kunnen betreffen, is het goed mogelijk dat de aandoeningen niet tegelijkertijd aanwezig waren. Bij de cijfers over de afgelopen 12 maanden is die kans kleiner.
Ooit in het leven
Er is gekeken naar het percentage volwassen Nederlanders (18-75 jaar) dat ooit in het leven een psychische aandoening heeft gehad én daarnaast ook ooit een andere psychische aandoening heeft gehad. Dit is berekend voor elke hoofdgroep van psychische aandoeningen en de specifieke aandoeningen die daaronder vallen (zie figuur).
Leeswijzer figuur
De cijfers worden per rij gelezen: per aandoening staat weergegeven welk percentage mensen met die aandoening daarnaast ooit in het leven ook een andere aandoening heeft gehad. Bijvoorbeeld: van de mensen met een depressieve stoornis had 36,0% ooit in het leven ook een persisterende depressieve stoornis.
Tussen de hoofdgroepen
De verschillende hoofdgroepen van psychische aandoeningen komen vaak tegelijk voor. Zo had van de mensen met een stemmingsstoornis 56,6% ooit ook een angststoornis en 27,3% ooit ook een middelenstoornis. Ook omgekeerd zijn de patronen vergelijkbaar: van de mensen met een angststoornis had 55,3% ooit ook een stemmingsstoornis en 25,0% ooit ook een middelenstoornis. Van de mensen met een middelenstoornis had 45,5% ook ooit een stemmingsstoornis en 42,7% een angststoornis.
Binnen de hoofdgroepen
Binnen de hoofdgroepen van psychische aandoeningen komen aandoeningen vaak samen voor. Dat wil zeggen: mensen met een stemmingsstoornis hadden relatief vaak ook een andere stemmingsstoornis. Van de mensen met een persisterende depressieve stoornis had 95,0% ook ooit een depressieve stoornis. Van de mensen met een bipolaire stoornis had 50,4% ooit ook een persisterende depressieve stoornis. Ook binnen de angststoornissen komt veel overlap voor. Van de mensen met agorafobie had 65,6% ooit ook een sociale fobie en 46,1% ooit ook een specifieke fobie. Binnen de middelenstoornissen komt een drugsstoornis vaker voor in combinatie met een alcoholstoornis dan andersom. Van de mensen met een drugsstoornis had 40,4% ooit ook een alcoholstoornis. Andersom had van de mensen met een alcoholstoornis 20,6% ook ooit een drugsstoornis.
Tussen de specifieke aandoeningen uit verschillende hoofdgroepen
Mensen met meerdere specifieke psychische aandoeningen hebben die meestal binnen dezelfde hoofdgroep. Toch zijn er ook enkele opvallende combinaties tussen aandoeningen uit verschillende hoofdgroepen. Zo had van de mensen met een bipolaire stoornis 35,5% ooit ook een sociale fobie en 35,1% ooit ook een drugsstoornis. Van de mensen met een gegeneraliseerde angststoornis had 78,1% ooit een depressieve stoornis en 19,9% ooit ook een alcoholstoornis. Van de mensen met ADHD had 60,5% ooit ook een depressieve stoornis, 31,3% ooit ook een gegeneraliseerde angststoornis en 32,0% ooit ook een alcoholstoornis.
In de afgelopen 12 maanden
Er is gekeken naar het percentage volwassen Nederlanders (18-75 jaar) dat in de afgelopen 12 maanden een psychische aandoening heeft gehad én in diezelfde periode ook een andere psychische aandoening heeft gehad. Dit is berekend voor elke hoofdgroep van psychische aandoeningen en de specifieke aandoeningen die daaronder vallen (zie figuur).
Leeswijzer figuur
De cijfers worden per rij gelezen: per aandoening staat weergegeven welk percentage mensen met die aandoening daarnaast ook een andere aandoening in de afgelopen 12 maanden heeft gehad. Bijvoorbeeld: van de mensen met een depressieve stoornis had 42,5% in dezelfde periode ook een persisterende depressieve stoornis.
Tussen de hoofdgroepen
Van de mensen met een stemmingsstoornis in de afgelopen 12 maanden had 49,8% in dezelfde periode ook een angststoornisstoornis en 15,9% ook een middelenstoornis. Als uitgegaan wordt van een angststoornis, zijn de percentages lager. Van de mensen met een angststoornis in de afgelopen 12 maanden had 32,8% in dezelfde periode ook een stemmingsstoornis en 13,1% ook een middelenstoornis. Van de mensen met een middelenstoornis had 22,3% ook een stemmingsstoornis en 27,9% ook een angststoornis.
Binnen de hoofdgroepen
Binnen de hoofdgroepen van psychische aandoeningen komen aandoeningen vaak samen voor. Zo hebben mensen met een stemmingsstoornis relatief vaak ook een andere stemmingsstoornis. Van de mensen met een persisterende depressieve stoornis had 97,4% in de afgelopen 12 maanden ook een depressieve stoornis. Van de mensen met een bipolaire stoornis had 50,7% in dezelfde periode ook een persisterende depressieve stoornis. Ook de angststoornissen komen vaak samen voor. Van de mensen met agorafobie had 55,9% in de afgelopen 12 maanden ook een sociale fobie en 48,2% ook een specifieke fobie. Binnen de middelenstoornissen komt een drugsstoornis vaker voor in combinatie met een alcoholstoornis dan andersom. Van de mensen met een drugsstoornis had 22,9% in de afgelopen 12 maanden ook een alcoholstoornis. Andersom had van de mensen met een alcoholstoornis 9,5% ook een drugsstoornis in de afgelopen 12 maanden.
Tussen specifieke aandoeningen uit verschillende hoofdgroepen
Van de mensen met een bipolaire stoornis in de afgelopen 12 maanden had 29,8% in dezelfde periode ook een sociale fobie en 16,8% ook een drugsstoornis. Van de mensen met een gegeneraliseerde angststoornis had 61,6% in dezelfde periode ook een depressieve stoornis en 12.4% ook een drugsstoornis. Van de mensen met ADHD in de afgelopen 12 maanden had 31,2% in dezelfde periode ook een depressieve stoornis, 24,0% ook een specifieke fobie, en 10,4% ook een alcoholstoornis.
